Breien is helemaal terug van weggeweest. Het is niet alleen een heerlijke manier om te onthaasten na een drukke dag, maar het geeft ook enorm veel voldoening om iets te dragen dat je helemaal zelf hebt gemaakt. Als beginner is er eigenlijk maar één project dat perfect is om mee te starten: de sjaal. Je breit hiermee een rechte lap, hoeft in het begin nog niet ingewikkeld te minderen of te meerderen, en je ziet snel resultaat.
Wanneer je vol enthousiasme met je eerste bol wol en breinaalden klaarzit, loopt vrijwel elke beginner tegen exact dezelfde vraag aan: breien voor beginners sjaal hoeveel steken heb ik eigenlijk nodig? Het korte antwoord is dat er geen magisch getal is dat voor elke sjaal werkt. Het lange antwoord is gelukkig helemaal niet ingewikkeld als je weet waar je op moet letten. In dit uitgebreide artikel duiken we diep in de wereld van steken, naalddiktes en garentypes, zodat jij vol zelfvertrouwen aan je eerste sjaal kunt beginnen.
Waarom er geen universeel aantal steken bestaat
Het lijkt zo makkelijk: “Zet 30 steken op en begin met breien.” Hoewel je dit advies vaak online leest, kan dit bij de ene persoon resulteren in een modieuze, brede wintersjaal en bij de andere persoon in een smal, strakke das die net breed genoeg is voor een顶knuffelbeer. Hoe kan dat?
Het aantal steken dat je nodig hebt voor een sjaal is afhankelijk van een samenspel tussen vier cruciale factoren:
- De dikte van het garen (draaddikte): Dik garen zorgt voor grote steken; dun garen zorgt voor kleine steken.
- De grootte van de breinaalden: Hoe dikker de naald, hoe losser en groter de steek wordt.
- Jouw persoonlijke hand van breien: Brei je van nature heel strak en compact, of juist heel los en luchtig?
- De gewenste breedte van de sjaal: Wil je een subtiele, smalle sjaal of een oversized ‘deken-sjaal’ waar je helemaal in kunt verdwijnen?
Om te voorkomen dat je halverwege je project merkt dat je sjaal veel te breed of te smal wordt, gaan we deze factoren stap voor stap ontleden.
De gewenste breedte van een sjaal bepalen
Voordat we steken kunnen gaan tellen, moet je weten hoe breed jouw ideale sjaal moet worden. Over het algemeen kun je de volgende standaardmaten aanhouden voor volwassenen:
- Smalle sjaal (of zomersjaal): 12 tot 15 centimeter breed. Dit is perfect voor dunnere stoffen of puur als mode-accessoire.
- Klassieke wintersjaal: 18 tot 22 centimeter breed. Dit is de meest gekozen breedte. Het biedt genoeg warmte voor je nek zonder te lomp te worden.
- Brede of oversized sjaal: 25 tot 30+ centimeter breed. Heerlijk voor de koudste winterdagen, waarbij je de sjaal eventueel ook als een soort omslagdoek kunt gebruiken.
Schrijf voor jezelf op welke breedte jij wilt bereiken. Laten we voor de rest van de voorbeelden in dit artikel uitgaan van een klassieke wintersjaal van 20 centimeter breed.
Richtlijnen: Hoeveel steken per garentype?
Om je direct een goede indicatie te geven, vind je hieronder een handig overzicht. Dit overzicht is gebaseerd op een gemiddelde sjaalbreedte van ongeveer 18 tot 20 centimeter. Kijk op de wikkel (het papieren bandje) van jouw bol wol om te zien welke naalddikte en welk garentype je hebt.
1. Super dik garen (Chunky / Super Bulky) – Naalden 9 mm tot 12 mm

Dit garen is de absolute favoriet voor beginners. Waarom? Je ziet ontzettend snel resultaat en foutjes vallen snel op (en zijn makkelijk te herstellen). Omdat de steken enorm groot zijn, heb je er maar heel weinig nodig.
- Aantal steken voor 20 cm breedte: Ongeveer 10 tot 14 steken.
2. Dik garen (Bulky / Aran) – Naalden 6 mm tot 8 mm
Dit garen is perfect voor een stoere, warme wintersjaal met structuur. Het breit lekker vlot weg en voelt stevig aan.
- Aantal steken voor 20 cm breedte: Ongeveer 16 tot 22 steken.
3. Medium garen (Worsted / Medium) – Naalden 4.5 mm tot 5.5 mm
Dit is wellicht het meest veelzijdige garen dat er is. Het geeft een verfijndere look aan je sjaal, maar vraagt wel iets meer geduld van de beginner omdat je meer steken moet breien.
- Aantal steken voor 20 cm breedte: Ongeveer 24 tot 30 steken.
4. Dun garen (DK / Light Worsted) – Naalden 3.5 mm tot 4.5 mm
Hoewel je hier prachtige, soepelvallende sjaals mee kunt maken, is het voor een allereerste project soms wat demotiverend omdat het lang duurt voor je sjaal groeit.
- Aantal steken voor 20 cm breedte: Ongeveer 32 tot 40 steken.
Het geheime wapen van de breier: Het proeflapje
Wil je écht voorkomen dat je sjaal mislukt? Dan ontkom je niet aan het maken van een proeflapje (in breitermen ook wel gauge swatch genoemd). Veel beginners slaan deze stap over omdat ze direct aan de sjaal willen beginnen. Dat is begrijpelijk, maar een kwartiertje investeren in een proeflapje bespaart je uren aan frustratie achteraf.
Iedereen breit namelijk anders. Als jij van de spanning stress krijgt, brei je waarschijnlijk heel strak. Je steken worden dan kleiner dan die van iemand die heel ontspannen en losjes breit met exact hetzelfde garen en dezelfde naalden.
Zo maak je en meet je een proeflapje:
- Kijk op de wikkel van je wol. Daar staat vaak een icoontje van een vierkantje (meestal 10×10 cm) met een aantal steken en naalden erbij. Dit is de gemiddelde richtlijn.
- Zet ongeveer 20 steken op (of 15 als je heel dik garen gebruikt).
- Brei ongeveer 10 tot 15 naalden in de steek die je voor je sjaal wilt gaan gebruiken (bijvoorbeeld de ribbelsteek).
- Kant de steken nog niet af, maar leg je werk plat neer op tafel zonder eraan te trekken.
- Pak een liniaal of meetlint. Leg deze horizontaal op je breiwerk en tel hoeveel steken er binnen exact 10 centimeter vallen. Dit is jouw persoonlijke stekenverhouding.
De rekensom voor jouw sjaal
Nu je weet hoeveel steken jij breit per 10 centimeter, kun je exact uitrekenen hoeveel steken je moet opzetten voor de gewenste breedte van jouw sjaal. De formule is simpel:
(Aantal steken per 10 cm / 10) x Gewenste breedte in cm = Het aantal op te zetten steken
Voorbeeld: Uit jouw proeflapje blijkt dat je 14 steken hebt per 10 centimeter. Je wilt een sjaal maken van 22 centimeter breed.
De som wordt dan: (14 / 10) = 1.4 steken per centimeter.
Vervolgens doe je: 1.4 x 22 = 30.8 steken.
Rond dit af naar het dichtstbijzijnde hele getal: 31 steken (of 30 of 32 als je patroon om een even aantal steken vraagt).
De beste stekenpatronen voor een beginner en hun stekenkeuze
Als beginner is het verleidelijk om direct een sjaal in de ’tricotsteek’ (één naald recht, één naald averecht) te willen maken. Dit zorgt voor die bekende gladde V-tjes aan de voorkant. Doe dit echter liever niet bij je eerste sjaal! Tricotsteek heeft namelijk de natuurlijke eigenschap dat de randen heel erg gaan omkrullen. Voor je het weet heb je geen sjaal, maar een opgerolde tube wol.
Kies in plaats daarvan voor een steek die aan beide kanten min of meer hetzelfde is. Deze steken blijven mooi plat liggen:
De Ribbelsteek (Garter Stitch)
Dit is de meest eenvoudige steek: je breit simpelweg elke naald volledig recht. Het resultaat is een heerlijke, elastische sjaal met horizontale ribbels. Ideaal voor je allereerste project.
Stekenaantal: Maakt niet uit, kan zowel een even als een oneven aantal steken zijn.
De Boordsteek (Rib Stitch)
Hierbij wissel je rechte en averechte steken af binnen dezelfde naald, bijvoorbeeld 2 steken recht, 2 steken averecht (een 2×2 boordsteek). Dit geeft een heel klassieke, rekbare look die je vaak bij gekochte sjaals ziet.
Stekenaantal: Als je een 2×2 boordsteek kiest, moet je totale aantal steken deelbaar zijn door 4 om mooi uit te komen aan de randen.
De Rijstkorrelsteek (Seed Stitch)
Dit patroon geeft een prachtige, subtiele structuur die lijkt op kleine korreltjes. Je breit 1 steek recht, 1 steek averecht. In de volgende naald brei je juist een rechte steek bovenop de averechte steek van de vorige naald, en andersom.
Stekenaantal: Werkt het fijnst met een oneven aantal steken, omdat je elke naald dan met dezelfde steek begint én eindigt.
Gouden tips voor een sjaal met prachtige, rechte randen
Niets is zo frustrerend als een sjaal waarvan de zijkanten gaan bobbelen of er heel ongelijk uitzien. Als beginner gebeurt dit vaak omdat de eerste en de laatste steek van een naald een beetje losser kunnen gaan zitten. Gelukkig is er een heel simpele truc om je sjaal die professionele, strakke look te geven: de kantsteek.
Voeg aan het aantal steken dat je hebt uitgerekend 2 extra steken toe (één voor de linkerkant en één voor de rechterkant). Hanteer vervolgens bij elke naald de volgende regel:
- De allereerste steek van de naald: Brei deze niet, maar haal hem simpelweg ‘recht’ over van de linkernaald naar de rechternaald zonder de draad te verplaatsen (dit noem je recht afhalen).
- De rest van de naald: Brei je patroon zoals je gewend bent.
- De allerlaatste steek van de naald: Brei deze altijd gewoon recht (of averecht, zolang je maar consistent bent).
Door de eerste steek telkens over te slaan, creëer je aan de zijkanten van je sjaal een prachtige, strakke kettingstructuur (een soort vlechtje) waardoor je sjaal er direct super strak afgewerkt uitziet.
Veelgemaakte fouten bij het opzetten (en hoe je ze voorkomt)
Nu je exact weet hoeveel steken je nodig hebt, is het tijd om daadwerkelijk te gaan opzetten. Hier gaan bij beginners nog wel eens een paar dingen mis. Let op de volgende valkuilen:
Te strak opzetten
Dit is de nummer één fout. Als je de steken te strak om je naald trekt tijdens het opzetten, krijg je je breinaald er bij de eerste echte naald bijna niet meer in. Bovendien trekt de onderkant van je sjaal dan heel erg samen, waardoor hij aan het begin smaller is dan in het midden.
De oplossing: Zet je steken op over twee breinaalden tegelijk die je tegen elkaar aan houdt. Als je klaar bent met opzetten, trek je één van de twee naalden er voorzichtig uit. Je hebt nu perfecte, gelijkmatige en vooral soepele steken om mee te beginnen.
Te lange of te korte begindraad
Als je de ‘lange draad’-opzetmethode gebruikt (de meest populaire methode), moet je van tevoren inschatten hoeveel draad je nodig hebt voor het opzetten. Het is ontzettend irritant als je bij steek 28 bent en je draad is op, terwijl je er 30 nodig had.
De oplossing: Wikkel de draad losjes om je breinaald heen, exact zo vaak als het aantal steken dat je wilt opzetten. De lengte die je nu hebt gebruikt, is de lengte die je nodig hebt voor je begindraad. Neem een extra marge van 15 tot 20 centimeter voor de zekerheid (en om later je draad netjes mee af te kunnen hechten).
Conclusie: Jouw stappenplan naar de perfecte sjaal
Het breien van een sjaal is een fantastisch project waar je wekenlang plezier van kunt hebben tijdens het maken, en nog jarenlang plezier van hebt tijdens het dragen. Onthoud dat het succes van je sjaal niet afhangt van een willekeurig getal dat je op internet vindt, maar van jouw unieke combinatie van garen, naalden en handwerk.
Samengevat volg je simpelweg deze stappen:
- Kies garen dat je mooi vindt (het liefst lekker dik garen op naald 6 tot 9 voor je eerste project).
- Bepaal hoe breed je sjaal moet worden (20 centimeter is altijd een veilige keuze).
- Maak een klein proeflapje om te zien hoeveel steken jij persoonlijk breit per 10 centimeter.
- Reken met de handige formule uit hoeveel steken dit betekent voor jouw sjaal.
- Voeg eventueel 2 kantsteken toe voor die perfecte, strakke zijkanten.
Pak die naalden, zet relaxed je eerste steken op en geniet van elke naald die je breit. Voor je het weet loop je er warmpjes bij met je eigen handgemaakte creatie!
