Het beeld van de tandarts is in de loop der jaren nauwelijks veranderd: een gerespecteerde medisch specialist die, na een dag gaatjes vullen en kronen plaatsen, in een luxueuze auto stapt op weg naar een riante villa. Dit stereotype van de ‘rijke tandarts’ is diepgeworteld in onze maatschappij. Maar klopt dit beeld nog wel met de realiteit van vandaag? Is de tandheelkunde inderdaad een garantie voor financiële onafhankelijkheid, of schuilen er achter de witte jas ook financiële valkuilen en torenhoge investeringen?
De vraag “wat verdient een tandarts” is niet met één simpel bedrag te beantwoorden. Het inkomen is namelijk sterk afhankelijk van de constructie waarin de tandarts werkt: in loondienst, als waarnemer (ZZP), of als praktijkhouder. In dit artikel duiken we diep in de financiële wereld van de mondzorg in Nederland. We analyseren de salarisschalen, de omzetten van zelfstandigen en de invloed van specialisaties, regio en werkdruk.
De basis: De tandarts in loondienst
Voor veel net afgestudeerde tandartsen is werken in loondienst de meest logische eerste stap. Het biedt zekerheid, een vast inkomen en de mogelijkheid om ervaring op te doen zonder direct de zorgen van het ondernemerschap te dragen. Maar wat staat er op de loonstrook?

Het startsalaris
Een beginnend tandarts die kiest voor een dienstverband bij een bestaande praktijk of een grote keten, start doorgaans met een salaris dat aanzienlijk hoger ligt dan het landelijk gemiddelde voor starters. We spreken hier over bruto maandbedragen die variëren tussen de € 3.500 en € 5.000 op basis van een fulltime dienstverband (wat in de tandheelkunde vaak 38 of 40 uur is, hoewel veel tandartsen parttime werken).
Dit salaris is vaak gekoppeld aan de KNMT-arbeidsvoorwaardenregeling (Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Tandheelkunde). Hoewel er geen dwingende CAO is voor tandartsen, volgen de meeste werkgevers de richtlijnen van de beroepsvereniging. Naarmate de tandarts meer ervaring opdoet, stijgt dit salaris. Een ervaren tandarts in loondienst kan doorgroeien naar een bruto maandsalaris van € 6.000 tot € 9.500.
Secundaire arbeidsvoorwaarden
Naast het kale salaris genieten tandartsen in loondienst vaak van gunstige secundaire voorwaarden. Denk hierbij aan:
- Pensioenopbouw via het Beroepspensioenfonds Tandartsen (SPT).
- Vergoedingen voor nascholing en congressen (verplicht voor BIG-registratie).
- Vakantiegeld en soms een eindejaarsuitkering.
- Doorbetaling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid.
De grote sprong: De ZZP-tandarts (Waarnemer)
In Nederland kiezen steeds meer tandartsen ervoor om niet in loondienst te gaan, maar om te werken als zelfstandige zonder personeel, oftewel als ‘waarnemer’. Vooral onder jonge tandartsen is dit model enorm populair. De reden? Vrijheid en een potentieel hoger netto-inkomen.
Hoe werkt de verdienste van een waarnemer?
Een ZZP-tandarts krijgt geen vast maandsalaris. In plaats daarvan wordt er vaak gewerkt op basis van een percentage van de omzet die zij voor de praktijk genereren. Dit percentage ligt doorgaans tussen de 40% en 45% van de gedeclareerde omzet.
Laten we een rekenvoorbeeld maken om dit te verduidelijken. Stel, een tandarts draait per dag een omzet van € 2.000 aan behandelingen.
Bij een afspraak van 40% ontvangt de tandarts die dag dus € 800 bruto.
Werkt deze tandarts 4 dagen per week, 45 weken per jaar, dan is de jaaromzet: € 800 x 4 x 45 = € 144.000 bruto per jaar.
De valkuil van bruto vs. netto
Dit bedrag klinkt astronomisch, maar hier komt de nuance. De ZZP-tandarts moet van dit bedrag alles zelf regelen:
- Arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV): Voor een tandarts is dit extreem duur, omdat het beroep fysiek zwaar is (rug- en nekklachten). Kosten kunnen oplopen tot duizenden euro’s per jaar.
- Pensioen: De volledige pensioenpremie moet zelf worden afgedragen.
- Beroepsaansprakelijkheidsverzekering: Essentieel in de medische wereld.
- Nascholing en BIG-registratie: Kosten voor eigen rekening.
- Geen doorbetaling: Ziekte of vakantie betekent direct 0 euro inkomen.
Ondanks deze kosten blijft er onder de streep voor een goed draaiende ZZP-tandarts vaak meer over dan voor een collega in loondienst, met netto maandinkomens die kunnen variëren van € 5.000 tot € 8.000 of meer, afhankelijk van de werksnelheid en efficiëntie.
De top van de piramide: De Praktijkhouder
De klassieke route was altijd: studeren, waarnemen, en uiteindelijk een eigen praktijk kopen of starten. Als praktijkhouder ben je niet alleen tandarts, maar ook ondernemer en manager. Je stuurt assistenten aan, regelt de inkoop, en bent verantwoordelijk voor het pand.
Risico en rendement
Het inkomen van een praktijkhouder bestaat uit twee componenten: het honorarium voor het eigen tandheelkundig werk (zoals de waarnemer) én de winst uit de onderneming (marge op het werk van mondhygiënisten, preventieassistenten en eventueel andere tandartsen in dienst).
Een goedlopende praktijk met meerdere stoelen kan zorgen voor een persoonlijk inkomen van € 120.000 tot wel € 200.000+ bruto per jaar. Dit is de categorie waar het beeld van de ‘welgestelde tandarts’ vandaan komt. Echter, dit komt met aanzienlijke risico’s:
- Goodwill en overnamekosten: Het overnemen van een praktijk kost tonnen. Een schuld van € 300.000 tot € 500.000 bij de bank is geen uitzondering.
- Personeelszorgen: Ziekte van personeel is een direct risico voor de praktijkhouder.
- Apparatuur: Een moderne behandelstoel kost al snel tienduizenden euro’s.
Door de toenemende regeldruk en administratieve lasten kiezen steeds minder tandartsen voor het volledig zelfstandig praktijkhouderschap, of sluiten ze zich aan bij grotere ketens waarbij ze ‘praktijkhouder op papier’ zijn maar de managementtaken uitbesteden.
Specialisaties: Orthodontie en Kaakchirurgie
Binnen de tandheelkunde zijn er specialisaties die een aanzienlijke invloed hebben op het verdienmodel. De twee bekendste zijn de orthodontist en de MKA-chirurg (Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie).
De Orthodontist
Na de studie tandheelkunde volgt een vierjarige specialisatie. Orthodontisten hebben doorgaans een zeer efficiënte praktijkvoering. Omdat veel handelingen gedelegeerd kunnen worden aan assistenten (onder toezicht), kan een orthodontist veel patiënten per dag zien. Het inkomen van een orthodontist ligt gemiddeld hoger dan dat van een algemeen practicus, met uitschieters naar € 200.000 – € 300.000 bruto per jaar voor grote praktijkhouders.
De Kaakchirurg
Dit is de absolute top qua opleiding en vaak ook qua salaris. Een kaakchirurg heeft zowel Geneeskunde als Tandheelkunde gestudeerd. Zij werken vaak in ziekenhuizen in maatschapsverband. De inkomens in medisch specialistische maatschappen behoren tot de hoogste in de zorgsector, vaak variërend tussen de € 150.000 en € 300.000+ per jaar, afhankelijk van de winstverdeling binnen de maatschap.
Regionale verschillen en marktvraag
Een factor die vaak over het hoofd wordt gezien, is de locatie. Nederland kampt met een tandartsentekort, maar dit tekort is niet overal even groot. In de Randstad (Amsterdam, Utrecht) is de dichtheid van tandartsen hoog. Hier is de concurrentie groter en zijn de verdiensten soms iets lager door hogere huisvestingskosten en minder patiënten per praktijk.
In de zogenaamde krimpgebieden of de regio’s ver buiten de Randstad (denk aan Zeeland, delen van Friesland of Limburg) wordt soms gesmeekt om tandartsen. Praktijkhouders bieden hier vaak:
- Hogere omzetpercentages voor waarnemers (soms wel 50%).
- Tekenbonussen of hulp bij huisvesting.
- Een gegarandeerde volle agenda, wat direct leidt tot een hogere omzet.
Een tandarts die bereid is om buiten de populaire steden te werken, kan financieel dus aanzienlijk sneller groeien.
De “Vergeten” Kosten: Studie en Fysiek
Om een eerlijk beeld te schetsen van wat een tandarts verdient, moeten we kijken naar wat erin geïnvesteerd is. De studie Tandheelkunde duurt zes jaar en is een van de duurste studies voor de overheid, maar ook voor de student (materialen, instrumentarium). Veel tandartsen beginnen hun carrière met een aanzienlijke studieschuld.
Daarnaast is de “afschrijving” op het menselijk lichaam een reële factor. Tandheelkunde is precisiewerk in een statische houding. Rug-, nek- en schouderklachten komen frequent voor. Veel tandartsen kunnen hierdoor niet fulltime (5 dagen) werken tot hun 67e. Een fulltime werkweek in de tandheelkunde wordt vaak gezien als 36 tot 38 uur aan de stoel, maar velen kiezen voor 3 of 4 dagen om fysiek gezond te blijven. Dit heeft direct invloed op het totale jaarinkomen.
Tarieven en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa)
Het is belangrijk om te vermelden dat een tandarts niet zomaar kan vragen wat hij wil. De tarieven voor tandheelkundige zorg zijn in Nederland vastgesteld door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Of je nu naar een tandarts in een chique wijk in Wassenaar gaat of naar een dorpspraktijk in Groningen; de prijs voor een controle (code C002) of een tweekvlaksvulling (code V92) is wettelijk gemaximaliseerd.
Hoe kan er dan toch verschil in inkomen zijn? Dit zit hem in:
- Snelheid en efficiëntie: Een ervaren tandarts plaatst een vulling sneller en net zo goed als een starter, waardoor de omzet per uur stijgt.
- Kamerbezetting: Het efficiënt inplannen van meerdere behandelkamers (bijvoorbeeld één kamer voor controles door assistenten en één voor behandelingen).
- Behandelplan: De keuze voor complexere, gespecialiseerde behandelingen (zoals implantologie of uitgebreid kroon- en brugwerk) levert meer op dan eenvoudige preventie.
Conclusie: Is de tandarts nog steeds de grootverdiener?
Terugkomend op de hoofdvraag: wat verdient een tandarts? Het antwoord is dat tandartsen nog steeds behoren tot de groep met een bovenmodaal tot zeer hoog inkomen in Nederland. Een salaris van twee tot vier keer modaal is eerder regel dan uitzondering, mits er hard gewerkt wordt.
Echter, de tijd dat het geld ‘automatisch’ binnenstroomde zonder ondernemersrisico of fysieke inspanning, is voorbij. De moderne tandarts is een hoogopgeleide professional die balanceert tussen zorgverlener en ondernemer. De hoge inkomsten staan tegenover een lange, zware studie, voortdurende bijscholingsverplichtingen, hoge verzekeringskosten en een fysiek zwaar beroep.
Voor wie de passie heeft voor zorg, techniek en mensen, is tandheelkunde financieel gezien een uitstekende keuze. Maar wie het puur voor het geld doet, zal merken dat elke euro in de mondzorg hard verdiend moet worden.
